HET VERWAAIEN VAN HET ZIJN

Steek het aan

En vertrouw de wind

Smijt alles erop

En geloof de vlam

Wacht en kijk

Zie hoe het vuur likt

Aan de papieren, aan de woorden, aan alles

Bestudeer hoe de vlam groeit

Voor onze ogen, over de grond, overal naartoe

Merk hoe de rook opstijgt

Langzaamaan cirkelend tot in het oneindige zwarte

Nooit meer wederkerend

Ervaar hoe de gloed toeneemt

Zo'n pit, zo'n macht, zo een zwakte

Een verscholen verlangen dat moordend meetrekt

Maar toch plots verlost

Vervliegt en verdwijnt

Verdwaald en verblijd

Het vuurtje vervaagt

Terwijl de vertrouwbare wind verwoest

De krampachtige stuiptrekkingen negerend

De rook de bomen nog knuffelend

Maar de gloed allang verloren

Tot alles is opgegaan in het niets

Geen greintje van verleden

Geen teken van bestaan

Alleen plaats voor vervolg