DE SPOREN
M'n voeten vertrappelen de slakken
Het gekraak bereikt m'n bewustzijn niet
Heethoofd
Met een geforceerde glimlach wandel ik
M'n hoofd geen omgeving in zich opnemend
Kan ik me God weet overal wanen
Is het een beeld van verlangen dat me uit deze wereld trekt
Terwijl ik in de verte een trein hoor
Mezelf met de stoom verlangend
Zou het een uitweg kunnen wezen
Zou ze naar vrijheid rijden
Oh, gestript van moderniteit en zelfbezetenheid zou ik zitten
Kijkend uit het raam als een soort God naar de verwoeste wereld
Mensen roepend naar elkaar
Bomen smekend met elkaar
Het water gebeden richtend naar mij
Want het is met een geforceerde glimlach dat ik verlang naar de toekomst
Zou het juist dat betere worden
Oh bestaat Utopia wel degelijk
Zonder glimlach verdwaal ik met de onzichtbare naast me
Hij drukt met zijn volle gewicht op me
Maar het is m'n eigen fout
Want maar één vinger wijst en het is de mijne
Zijn het mijn dromen die me ten onder duwen
Ik ben vertrappeld als de slakken
Plakkend aan de schoenen van de toekomst vol dromen
Geen trein naar vrijheid bestaat noch de wereld waarnaar hij rijdt
Oh het zijn mijn vragen die de sporen trachten te leggen
Maar het zijn steeds weer dezelfde die onmogelijk te plaatsen zijn
Het zijn steeds zij die trachten de toekomst te verwoesten
Zelfvernietigend
Maar het zijn niet de vragen die als messteken nooit genezen
Nee het zijn de antwoorden die je nooit meer verlaten
Als littekens gebrand op het vel dat mens is
Is het leven zonder kennis wel degelijk beter
Dan het constante gevecht om intellect
Het is de trein die plots stopt en nooit zijn doel bereikt
Verloren aan het toedoen van het lichaamsverlangen
Het is het menselijke dat ze tegenhoudt
Het is het teveel aan kennis dat onze ondergang betekent
En zo zijn wij het die onderaan eindigen
Allemaal op dezelfde plek
Opgesloten, gepijnigd met kennis als wonden is de aarde de levende hel
En zo is het hoop dat ik koester dat het leven pas echt begint onder de grond
Wetend dat ik niets hoor te weten
Stilte
